Skip to main content

Als bedrijfseigenaar of beheerder van een pand wil je zeker weten dat je medewerkers en bezoekers bij brand veilig zijn. Een van de meest praktische vragen die daarbij hoort, is: heb ik genoeg blusmiddelen in huis? Het antwoord hangt af van meerdere factoren, van de grootte van je pand tot de aard van de activiteiten die je er uitvoert. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over blusmiddelen, zodat je precies weet waar je aan toe bent.

Of je nu voor het eerst nadenkt over brandveiligheid of je huidige situatie wilt toetsen, de keuring van blusmiddelen en het beheer van je brandmeldinstallatie zijn onderwerpen die regelmatig aandacht verdienen. Hieronder vind je per vraag een duidelijk en direct antwoord.

Wat zijn blusmiddelen en welke soorten bestaan er?

Blusmiddelen zijn apparaten of installaties die je inzet om een beginnende brand te bestrijden. De meest voorkomende soorten zijn draagbare blustoestellen, brandslangen, blusdekens en automatische blusinstallaties. Elk type heeft een specifieke toepassing en werkt het best bij een bepaald soort brand.

De draagbare blustoestellen vormen de basis van brandveiligheid in de meeste bedrijfspanden. Binnen deze categorie zijn er verschillende varianten:

  • Poederblusser: Geschikt voor meerdere brandklassen, inclusief vloeistofbranden en elektrische installaties. Laat wel een grote puinhoop achter.
  • CO2-blusser: Werkt goed bij brand in elektrische apparatuur en laat geen residu achter. Handig in serverruimtes of kantooromgevingen.
  • Watermistblusser: Veilig voor gebruik in de buurt van mensen en elektrische apparaten. Steeds vaker toegepast in openbare ruimtes.
  • Schuimblusser: Effectief bij vloeistofbranden, zoals brandende olie of benzine.
  • Blusdeken: Bedoeld voor kleine branden of om een persoon te blussen als kleding vlam heeft gevat.

Naast deze draagbare middelen bestaan er ook vaste blusinstallaties, zoals sprinklerinstallaties. Een sprinklerinstallatie werkt als een brandweerslang die automatisch start zodra de temperatuur boven een bepaald niveau stijgt. Dit soort systemen vormt een aanvulling op de draagbare middelen, maar vervangt ze niet volledig.

Hoeveel blusmiddelen zijn wettelijk verplicht voor bedrijfspanden?

Het Nederlandse Bouwbesluit en de Arbowet verplichten bedrijven om voldoende blusmiddelen aanwezig te hebben. De exacte hoeveelheid hangt af van de gebruiksbestemming van het pand, de vloeroppervlakte en het brandrisico. Als basisregel geldt: minimaal één blustoestel per verdieping en per brandcompartiment, maar in de meeste gevallen heb je er meer nodig.

De Arbowet verplicht werkgevers om een veilige werkomgeving te bieden. Dat betekent dat je een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) moet uitvoeren, waarbij de aanwezigheid en spreiding van blusmiddelen onderdeel zijn. De brandweer en verzekeringsmaatschappijen stellen in veel gevallen aanvullende eisen bovenop de wettelijke minimumvereisten.

Praktisch gezien hanteren veel partijen de NEN-normen als leidraad. NEN 4001 beschrijft de eisen voor de aanschaf en plaatsing van draagbare blustoestellen. Hierin staat onder andere dat de loopafstand naar een blustoestel in de meeste gevallen niet meer dan dertig meter mag bedragen. Controleer altijd of jouw situatie voldoet aan zowel de wettelijke eisen als de normen die voor jouw branche gelden.

Hoe bereken je het juiste aantal blusmiddelen per ruimte?

Het juiste aantal blusmiddelen per ruimte bereken je op basis van de vloeroppervlakte, het brandrisico en de maximale loopafstand naar een blustoestel. Als vuistregel geldt dat je per 150 tot 300 vierkante meter minimaal één blustoestel plaatst, afhankelijk van de risicocategorie van de ruimte.

Risicocategorieën als uitgangspunt

Ruimtes vallen in de meeste richtlijnen onder drie risicocategorieën: laag, gemiddeld en hoog. Een kantoorruimte heeft doorgaans een laag risico, terwijl een productiehal of opslagruimte met brandbare materialen in de categorie hoog valt. Hoe hoger het risico, hoe meer blusmiddelen je per vierkante meter nodig hebt.

Loopafstand als praktische maatstaf

Naast de oppervlakte is de loopafstand een belangrijk criterium. Iemand die een brand ontdekt, moet het dichtstbijzijnde blustoestel snel kunnen bereiken. In ruimtes met een hoog risico hanteert men vaak een maximale loopafstand van vijftien meter. In ruimtes met een laag risico mag dit oplopen tot dertig meter. Teken de plattegrond van je pand uit en controleer of elk punt binnen die afstand van een blustoestel ligt.

Vergeet ook de specifieke ruimtes niet die aparte aandacht verdienen, zoals serverruimtes, keukens, technische ruimtes en opslaglocaties. Deze ruimtes hebben vaak een verhoogd risico en vragen om een eigen blustoestel dat past bij het brandrisico ter plaatse.

Welk type blusmiddel is geschikt voor welk brandrisico?

Het juiste type blusmiddel hangt af van de brandklasse: de stof die brandt. Er zijn vijf brandklassen: A voor vaste stoffen zoals hout en papier, B voor vloeistoffen zoals olie en benzine, C voor gassen, D voor metalen en F voor keukenbranden met vetten. Elk blusmiddel is geschikt voor een of meer van deze klassen.

Hier is een praktisch overzicht van de meest voorkomende combinaties:

  • Kantooromgeving: Gebruik een CO2-blusser bij elektrische apparatuur en een watermistblusser of poederblusser voor algemene ruimtes.
  • Keuken of kantine: Kies een F-klasseblusser of een blusdeken, speciaal ontworpen voor vetbranden.
  • Opslagruimte met brandbare vloeistoffen: Een schuimblusser of poederblusser voor brandklasse B is hier de aangewezen keuze.
  • Serverruimte of datacentrum: Een CO2-blusser of een gasblusinstallatie beschermt apparatuur zonder schade door natte blusmiddelen.
  • Productiehal met metaalbewerkingsmachines: Zorg voor een D-klasseblusser als je met brandbare metalen werkt.

Let op: een poederblusser is weliswaar veelzijdig, maar kan door het poeder grote schade aanrichten aan apparatuur en omgeving. In ruimtes waar dat een probleem is, kies je beter voor een CO2- of watermistblusser, ook al is die minder breed inzetbaar.

Wanneer moeten blusmiddelen worden gekeurd of vervangen?

De keuring en het onderhoud van blusmiddelen is wettelijk verplicht en moet minimaal eens per jaar plaatsvinden door een erkende keuringsinstantie. Naast de jaarlijkse keuring gelden er ook vervangingstermijnen: de meeste draagbare blustoestellen hebben een levensduur van tien tot vijftien jaar, afhankelijk van het type en de gebruiksomstandigheden.

De jaarlijkse keuring omvat een visuele inspectie en een functionele controle. De keurder controleert onder andere de druk, de staat van de slang en het mondstuk, de zegels en de houdbaarheidsdatum van het blusmiddel. Na elke keuring plakt de keurder een sticker op het toestel met de datum van de volgende keuring. Zo zie je in één oogopslag of een toestel up-to-date is.

Naast de jaarlijkse keuring zijn er ook periodieke herkeuringen, waarbij het toestel volledig wordt nagekeken en eventueel van een nieuwe lading wordt voorzien. Voor poederblussers geldt dit doorgaans elke vijf jaar, voor CO2-blussers elke tien jaar. Raadpleeg de documentatie van je toestellen of vraag een specialist om de exacte termijnen voor jouw situatie.

Hoe weet je of de blusmiddelen in je pand nog voldoen?

Je weet of de blusmiddelen in je pand nog voldoen door regelmatig een eigen controle uit te voeren naast de verplichte jaarlijkse keuring. Controleer of alle toestellen zichtbaar en bereikbaar zijn, of de keuringsstickers actueel zijn en of het type blusser nog past bij het huidige gebruik van de ruimte.

Eigen controle uitvoeren

Een maandelijkse visuele controle kost weinig tijd en geeft je snel inzicht in eventuele problemen. Loop langs alle blusmiddelen en let op de volgende punten:

  • Staat de manometer in het groene gebied? Dan is de druk in orde.
  • Hangt het toestel op de juiste hoogte en is het goed bevestigd?
  • Is de pin of het zegel nog intact? Zo weet je dat het toestel niet is gebruikt of gemanipuleerd.
  • Is de keuringssticker nog geldig?
  • Staat er niets voor of onder het toestel waardoor het moeilijk bereikbaar is?

Veranderingen in het pand

Let ook op veranderingen in je pand die invloed hebben op de brandveiligheid. Denk aan een verbouwing, een nieuwe indeling van ruimtes of een wijziging in de activiteiten. Als je een ruimte anders gaat gebruiken, kan het zijn dat je andere of extra blusmiddelen nodig hebt. Stem dit af met een specialist, zodat je niet achteraf voor verrassingen komt te staan.

Het beheer en onderhoud van je brandmeldinstallatie en de keuring van blusmiddelen hangen nauw samen. Een goed functionerende brandmeldinstallatie detecteert brand vroeg, maar blusmiddelen zijn het eerste wat mensen gebruiken om een beginnende brand te stoppen. Zorg dus dat beide onderdelen van je brandveiligheidssysteem op orde zijn.

Hoe Masset je helpt met brandveiligheid en blusmiddelen

Wij bieden een totaaloplossing voor de brandveiligheid van je bedrijfspand, van advies en installatie tot het periodieke beheer van je brandmeldinstallatie en de keuring van blusmiddelen. Met meer dan 35 jaar ervaring in de beveiligingssector weten we precies welke eisen gelden voor jouw type pand en branche.

Wat we voor je doen:

  • Een grondige inventarisatie van je huidige blusmiddelen en brandveiligheidsinstallaties
  • Advies over het juiste type en aantal blusmiddelen per ruimte, afgestemd op het brandrisico
  • Professionele keuring en onderhoud van al je blusmiddelen, conform de geldende NEN-normen
  • Beheer van je brandmeldinstallatie, zodat je altijd voldoet aan de wettelijke eisen
  • Landelijke serviceverlening in heel Nederland

Wil je weten of de blusmiddelen in jouw pand voldoen aan de eisen? Neem dan contact met ons op voor een vrijblijvend adviesgesprek. Wij helpen je om je brandveiligheid op orde te brengen en te houden.